Photo Tips

Pose Tricks

Tip 1

 

Fotografeer kinderen en huisdieren op hun ooghoogte, niet die van jou. Zo hoeven ze niet geforceerd omhoog te kijken en lijken ze niet zo klein.

 

Tip 2

 

Kom dichterbij je onderwerp. Zo krijg je pakkender foto's. Er is veel minder te zien dat de aandacht afleidt. Kom gerust nog een stap dichterbij (of zoom meer in): bijvoorbeeld bij een portret kun je best een stuk haar buiten beeld laten.

 

Tip 3

 

Maak ook eens een verticale foto. Bijvoorbeeld van een toren. Dat geeft afwisseling in je verzameling foto's.

 

Tip 4

 

Kies een rustige achtergrond. Zo komt je onderwerp beter uit, want er zijn veel minder dingen op de achtergrond die afleiden.

 

Tip 5

 

Zet je onderwerp uit het midden. Daardoor gaat je foto minder snel vervelen.

 

Tip 6

 

Maak diepte met iets op de voorgrond. Dat maakt landschappen en foto's van dorpen en steden veel interessanter. Dat iets kan van alles zijn: een rotsblok, felgekleurde auto, boomtakken aan de rand van het beeld, een koe of een stoeltje op het terras. Probeer maar: het werkt echt.

 

Tip 7

 

Gebruik je flitser als de zon schijnt. Dat klinkt raar, maar voorkomt schaduwen op gezichten door de felle zon. Door dit zgn. inflitsen worden je vrienden net zo goed verlicht als de rest van de foto. Bruidsfotografen doen niet anders.

 

Tip 8

 

Regisseer je groepsfoto's. Niet zomaar iedereen op een rijtje laten staan, maar even een minuutje nemen voor een wat origineler opstelling. Maak ook een paar extra foto's van dichtbij (alleen gezichten), van opzij of op heuphoogte (dan lijkt iedereen mooi lang).

 

Tip 9

 

Kijk waar het licht vandaan komt. Tegen de zon in fotograferen maakt het moeilijker om een geslaagde foto te maken dan met de zon in de rug of met licht van opzij. In de morgen en zeker het laatste uur voor zonsondergang kun je foto's maken met een heel sfeervol zonlicht, wat niet zo fel is als midden op de dag.

 

Tip 10

 

Kijk goed wat er allemaal op je foto komt! Een boom of lantaarnpaal die uit iemand's hoofd groeit valt zie jij niet omdat je je op die persoon concentreert. Je camera registreert alles: ook dingen die je niet mooi vindt. Even langer kijken, ook langs de randen van het beeld (afgehakte handen?) en als het nodig is, een stap opzij doen.

 

 

Tip 1

 

Oefen poses en uitdrukkingen. Oefen voor de spiegel, let ook op je gezicht en niet alleen op je lichaamshouding. Kijk naar de poses op foto’s die je zelf mooi vindt en probeer deze na te doen. Oefen ook uitdrukkingen en emoties zoals verliefdheid, boos zijn, verbaasd, geschrokken. Een goed model kan de verschillende emoties gemakkelijk uitbeelden. Bewaar foto’s die je tegenkomt (zowel van internet als uit magazine's). Je kunt deze poses jezelf dan ook eigen maken en eventueel de voorbeelden meenemen naar een fotograaf om voor ideeën te zorgen.

 

Tip 2

 

Ontspan en maak jezelf lang.

 

Tip 3

 

Hou niet beide armen recht tenzij dat nodig is voor die specifieke pose. Probeer altijd minstens een arm gebogen te houden, al is het maar een klein beetje. Hetzelfde geldt voor je benen. Maak je handen een beetje bol alsof je er kleine schepjes van maakt waar het zand tussendoor kan lopen.

 

Tip 4

 

Hou je buik een beetje in en je billen naar achteren, ook al ben je slank. Ga dwars in de kamer staan en draai je bovenlichaam naar de camera toe.

 

Tip 5

 

Hou nooit je adem in voor een foto. Als je dat veel achter elkaar doet, raak je buiten adem en loop je rood aan. Het is beter om rustig en constant te ademen.

 

Tip 6

 

Wissel je poses. Neem tijdens een shoot na elke foto een andere pose aan tenzij de fotograaf het anders aangeeft. Een minimale verandering per foto is voldoende. Draai je hoofd een paar graden of kijk weg van de fotograaf of juist weer naar de fotograaf toe. Zo kan de fotograaf achteraf de beste uitzoeken. Constant dezelfde blik en pose levert ook constant dezelfde foto’s op.

 

Tip 7

 

Beweeg rustig met korte tussen poses zodat de fotograaf het juiste moment kan pakken.

 

Tip 8

 

Kijk niet altijd recht en strak in de camera.

 

Tip 9

 

Draai af en toe je hoofd een beetje, hou het ietwat scheef of kijk gewoon eens opzij.

 

Tip 10

 

Gebruik niet altijd dezelfde glimlach. Probeer ook eens een klein glimlachje, een pruillip, een brede lach, boze blik of een frons.

 

Tip 11

 

Denk aan leuke dingen, je staat hier voor je plezier.

 

 

© 2018 Hans de Klerk Fotografie